KTA MoBi

De leraar als coach begeleidt en helpt de  leerlingen om de doelen van de verschillende vakken en de schooleigen doelen te bereiken. Leraren geven duidelijk aan wat ze van hun leerlingen verwachten, hoe deze die doelen kunnen bereiken, waar en hoe ze bijkomende hulp kunnen krijgen (afspraken in de klas).
Op geregelde tijdstippen informeren leraren hun leerlingen over hun vorderingen op basis van toetsgegevens, taken, en observaties van het leergedrag.

De leerlingen engageren zich om deel te nemen aan elke vorm van individuele leerlingenbegeleiding die de school aanbiedt. Van ouders wordt hiertegenover een positief engagement verwacht.
In het belang van de leerling engageren de ouders zich er toe om aanwezig te zijn op het oudercontact waar steeds het rapport van hun zoon/dochter zal meegegeven worden.
De leerlingenevaluatie heeft een tweevoudig doel.
De evaluatie dient aan de leerling informatie te geven over de mate waarin hij erin geslaagd is om zowel de kennis als de vaardigheden te beheersen die mogen verwacht worden na het leerproces.
Bovendien moet ze aan de leraar de feedback geven om vast te stellen of hij de meest aangepaste methode hanteert om de gestelde doelen te bereiken.

Hoe evalueren wij ?
Het spreekt vanzelf dat de ouders zo goed mogelijk op de hoogte worden gehouden van de ontwikkelingen van hun kind, zowel op cognitief vlak als op het vlak van attitude.

Evalueren van competenties
Omdat we bij evalueren proberen te achterhalen hoe competent een leerling is, is het natuurlijk aangewezen dat de evaluatie zich daar ook op toespitst.

Evalueren van kennis
Sommige zaken moeten leerlingen echt “kennen”. Bepaalde wiskundige formules, taalkundige regels, technische begrippen, … zijn onontbeerlijk voor de lessen en moeten dus gekend zijn.

Evalueren van vaardigheden
In het BSO en TSO is vooral het ‘kunnen’ van erg groot belang. We gaan na in welke mate de leerlingen de aangeleerde vaardigheden – in nieuwe situaties – kunnen toepassen. De opgedane kennis moeten ze kunnen gebruiken in nieuwe probleemsituaties; dingen vlot kunnen opzoeken, enz.

Evalueren van attitudes
Wij verwachten dat leerlingen zich op een bepaalde manier gedragen (zowel in de verschillende vakken als in het algemeen!) en dat er een positieve evolutie merkbaar is in hun attitude en hun sociale vaardigheden. We bereiden ze langzaam voor op het leven na de school. Dit ‘zijn’ is moeilijk meetbaar, het is ook een eerder subjectief gegeven.
Elke leerkracht probeert zijn leerlingen elke les te evalueren op vlak van taalgebruik, aanwezigheid, inzet en goede leerhouding, sociale competenties, participatie, … Daarnaast heb je specifieke vakgebonden attitudes die tijdens een bepaalde periode moeten
geëvalueerd worden. Indien een leerling aan al deze attitudes niet (voldoende) voldoet, wordt dit verrekend in zijn/haar punt dagelijks werk.
Naast het evalueren van attitudes in de lessen, worden ook de schoolgebonden en professionele attitudes geëvalueerd. Deze evaluatie wordt in de SODA-score opgenomen in het rapport DW. Verschillende items worden hierin opgenomen en zijn gebaseerd op min of meer objectief meetbare criteria als (ongewettigde) afwezigheden, te laat komen, aantal en aard van meldingen via het leerlingenvolgsysteem, eventuele contracten, intensiteit van begeleiding. De leerlingenbegeleiding vult dit rubrieksrapport in.