KTA MoBi

Gelijke Onderwijs Kansen (GOK)

Niet je afkomst telt, maar je toekomst.

Het zou het motto kunnen zijn van het geheel aan standpunten die aan de basis liggen van het GOK-beleid van het KTA MoBi. De instroom van leerlingen (en geleidelijk aan ook van personeel) oogt kleurrijk en is heel divers. Niets voor niets stond het vorig schooljaar in het teken van omgaan met deze diversiteit aan de hand van een aantal vakoverschrijdende en soms zelfs schooloverschrijdende projecten onder de noemer DIVERSO: diversiteit, inspraak, verdraagzaamheid, eigenheid, respect, solidariteit en openheid.

Wanneer jonge mensen uit diverse culturen en milieus met elkaar moeten samenwerken en moeten leren om coöperatief te studeren, dan worden ze geconfronteerd met een aantal ongelijkheden van intellectuele, culturele , levensbeschouwelijke en sociale aard. Het is op dit raakvlak dat wij onze GOK-werking proberen te richten. Wanneer men werkt in en met complexe situaties is het nuttig om de visie die daaromtrent werd uitgewerkt, in enkele eenvoudige richtlijnen te kunnen verwoorden al was het maar om in de dagelijkse werking het hoofd niet te verliezen. Zo staat er een aan het begin van onze visietekst en hij zal ervoor zorgen dat we niet verdwalen in de meanders van de soms woelige rivier die het leven op een multiculturele school symboliseert.

Een ander baken vinden we in de aandachtspunten van onze scholengroep Panta Rhei: ‘Wij eerbiedigen de individuele persoonlijkheid: elk kind, elke leerling, elke student, elk personeelslid is een unieke persoon die als zodanig dient benaderd te worden.'

Een derde bedenking die ons zal leiden komt uit het pedagogisch project van onze school zelf: ‘ Wij leren niet voor school, maar voor het leven ( Seneca): veel aandacht wordt geschonken aan communicatieve taalvaardigheid, waarbij geleerd wordt respect te hebben voor ieders overtuiging.’

Dat is het brede kader waarin onze visie op het GOK-beleid ingebed is.

In de visietekst van het Steunpunt GOK staat dat kansen bieden aan elke leerling om tot maximale ontplooiing te komen, ongeacht herkomst of geslacht, tot een van de grootste uitdagingen van ons onderwijs behoort.

We zijn vertrokken vanuit een eerdere vorm van zorgverbreding namelijk het project Scholen met bijzondere noden. Dit project zorgde voor de fundamenten waaruit de GOK-werking is ontstaan.
We werken momenteel rond twee thema’s: preventie en remediëring van studie- en gedragsproblemen enerzijds en taalvaardigheidsonderwijs anderzijds.


Het mandaat dat de school aan de GOK-coördinatoren heeft gegeven, is dus vrij duidelijk. Het GOK-team moet een werking uitbouwen die de taalachterstand van kansarme leerlingen probeert te verminderen en moet hen proberen helpen de juiste attitudes te ontwikkelen voor een succesvolle schoolcarrière.
De twee thema’s zijn het gevolg van de specifieke samenstelling van de schoolbevolking: een vrij groot gedeelte van onze leerlingen beantwoordt aan de indicatoren vastgelegd in het GOK-decreet. Wij ontvangen bijvoorbeeld nogal wat leerlingen uit sociaal kwetsbare gezinnen (een-oudergezinnen, vluchtelingen, allochtone gezinnen).

Het besef is langzamerhand gegroeid dat taalvaardigheid een cruciale rol speelt in de ontvoogding van niet alleen de kansarme leerlingen – hoewel daar specifiek wordt aan gewerkt – maar van alle leerlingen. Via navorming, vakgroepwerking en sensibiliseren van de hele schoolgemeenschap bouwen we een werking uit die meer dan vroeger, geënt is op de taalrealiteit van de jongeren. Van daaruit vertrekken we en construeren we een taalbeleid. De uiteindelijke doelstelling van ons netwerk aan initiatieven ( op leerlingenniveau, leerkrachtenniveau en schoolniveau) ligt in het creëren van leerwinst via een betere taalbeheersing.

In een niet zo ver verleden beleefde het KTA MoBi beroerde tijden op gebied van schoolgebonden gedrag en studieproblemen. Die teloorgang werd niet enkel veroorzaakt door een interne problematiek (frequente directiewissels), maar ook door geografische en sociologische beperkingen (de moeilijke bereikbaarheid van de school, het watervalsysteem, de nabijheid van kansarme wijken en de daarmee gepaard gaande racistische reflexen). Het gevoel van onbehagen groeide bij iedereen en culmineerde in een crisissfeer rond de start van ons GOK-project. Het werd ons meteen duidelijk dat we maar vertrouwen konden krijgen indien we iets probeerden te doen aan dit gevoel van machteloosheid, zowel onder leerlingen als onder het schoolpersoneel. Dit werd ons eveneens duidelijk gemaakt in de diverse startvergaderingen van het GOK, onder leiding van de pedagogische adviseurs.

Zo zijn we begonnen met enkele beperkte en concrete gevallen van vrij gewelddadige agressie
te proberen oplossen, met wisselend succes. Toch is er uit die eerste cyclus een manier van werken gegroeid die veel complexer is dan wat we toen deden. We hebben meer inzicht gekregen (o.a. door specifieke navorming) in de problematiek van studie- en gedragsproblemen zodat we nu in staat zijn om een coherent beleid op het getouw te zetten. Onze strategie mikt op de drie niveaus (zoals hierboven al uiteengezet) en probeert het SMART-principe te volgen.

We werken vooral rond:
* spijbelen
* schoolgebonden gedragsproblemen (bijv. baldadig gedrag op de speelplaats)
* klasgebonden gedragsproblemen (bijv. verstoring van de les)
* motivatieproblemen en schoolmoeheid
* uitstelgedrag (bijv. het verschuiven van opgelegde taken naar een latere datum)
* sociaal-psychische problemen (bijv. verwerken van scheiding ouders, of druggebruik)

Maar we hebben vorig jaar ondervonden dat de realisatie van het DIVERSO-project een grote golf van enthousiasme heeft gecreëerd onder de hele schoolbevolking. Het niet zo evidente plan om kunst en cultuur in verschillende werkvormen aan te bieden heeft misschien niet voor een ommezwaai in gedrag en motivatie gezorgd, maar wel voor een aanzienlijke verbetering ervan.

Het is onze overtuiging dat een combinatie van die twee factoren (GOK-werking en aanbod kunst en cultuur) een nieuw elan aan de school kunnen geven en dat we op deze weg moeten verder gaan. Er is immers een nieuwe manier van werken gegroeid die met enkele termen uit de visietekst van het Steunpunt GOK kan worden gekarakteriseerd:

leerervaringen en leeractiviteiten krijgen een grotere aandacht
mogelijkheden worden gecreëerd tot actief leren, zelfexploratie en reflectie, tot eigen initiatief van leerlingen
diversiteit wordt aangewend als katalysator tot leerervaringen
leerkrachten en leerlingen worden gestimuleerd tot geconstrueerde interactie
schoolteamleden werken met elkaar, overleggen, bundelen hun expertise om een pedagogisch beleid uit te bouwen


Op die manier wordt het principe van de brede evaluatie op quasi natuurlijke wijze geïntegreerd in de schoolwerking. Als men samen iets creëert, dan heeft men oog voor de socio-emotionele en affectieve aspecten en krijgt men een beter inzicht in het leerproces.

Ten slotte mikken we resoluut op de interactie met de ouders. We hebben het Charter tot betere communicatie met ouders ondertekend en proberen dit bewust in de praktijk toe te passen. Deze communicatie verliep aanvankelijk vrij stroef, maar door de inbreng van enkele personeelsleden van allochtone oorsprong zien we nieuwe opportuniteiten.

Dit is onze visie : via taalvaardigheid, acties ter preventie en remediëring van studie- en gedragsproblemen, een verbeterde samenwerking en overlegcultuur onder de diverse geledingen van de schoolstructuur en een gedurfde cultuuraanpak creëren we meer kansen voor onze leerlingen. Misschien vliegen ze later dan zelfbewust uit, zoals de vogel van de Lindenlei nog niet zo lang geleden zijn nest verliet op weg naar de nieuwe vestiging van onze school.

CLB: centrum voor leerlingenbegeleiding

CLB staat voor Centrum voor Leerlingenbegeleiding. Het CLB biedt informatie, hulp en begeleiding op vraag van leerlingen, ouders en school. Dit gebeurt vanuit een onafhankelijke en neutrale positie. Het belang van de leerling staat centraal. We werken gratis en in overleg met onze cliënten.
Alle CLB - medewerkers zijn gebonden aan het beroepsgeheim.
 
De begeleiding situeert zich op volgende domeinen:
Het leren en studeren:
- leer en ontwikkelingsproblemen
- studiemotivatie
De onderwijsloopbaan: - opvolgen van de leerplicht
- studiekeuze begeleiding
Het psychisch & sociaal functioneren:
- gedragsmoeilijkheden- welbevinden thuis en op school
De preventieve gezondheidszorg:       
- opvolging van groei en ontwikkeling- gratis inentingen
- advies bij besmettelijke ziekten

Teamleden voor onze school:
De school werkt samen met een team dat bestaat uit een  arts, een maatschappelijk werker, een psycholoog en een verpleegkundige.
Ons CLB heeft drie vestigingen: vestiging Hoofdzetel, vestiging Bisdomkaai en vestiging Melle.
Het CLB – team dat jouw school begeleidt, vindt u terug op onze website:  www.clbgent.be

Wanneer kan je het CLB contacteren?
Het CLB is elke werkdag open tussen 8u30 en 16u en op afspraak.
Het centrum is gesloten op feestdagen, tijdens de paasvakantie en tijdens de zomervakantie van 15 juli tot en met 15 augustus.
Tijdens de kerstvakantie is het centrum twee dagen open.
Voor meer informatie over de CLB-werking kan u steeds terecht op de website, via e-mail: clb.gent@pantarhei.be of op het nummer: 09/243 79 70.